Eenmaal de kachel geïnstalleerd is, moet aan enkele voorwaarden voldaan worden om zuinig en correct te
kunnen stoken:
- Schoorsteentrek: de schoorsteen is als het ware de motor van de kachel. De schoorsteentrek is m.a.w. één van de belangrijkste voorwaarden voor een goed werkende kachel. De aangewezen schoorsteentrek vindt u hier:
| |
Hout |
Hout / kolen |
Gas |
|
|
|
|
|
|
|
| |
Min |
Max |
Min |
Max |
Min |
Max |
|
|
|
|
|
|
|
| Pascal |
10 |
20 |
8 |
20 |
5 |
20 |
|
|
|
|
|
|
|
| mbar |
0,1 |
0,2 |
0,08 |
0,2 |
0,05 |
0,2 |
|
|
|
|
|
|
|
| mm WK* |
1 |
2 |
0,8 |
2 |
0,5 |
1 |
* : mm waterkolom
- Dichtingen: let erop dat zowel de verbindingen tussen kachel en rookpijp als de deuren en luiken aan de kachel volledig dicht zijn.
- Brandhout: voor een houtkachel moet het brandhout:
- Droog zijn: max. 18-20% vochtigheid (= hout dat 2 jaar op een droge en verluchte plaats gestockeerd werd).
- De gepaste lengte hebben: het is aangeraden om de maximumbreedte van het grondrooster niet
te overschrijden.
- Bij voorkeur kwaliteitshout zijn (zoals eik, beuk, hout van fruitbomen, …).
|